|
D e discussie is een communicatiemethode waarvan de grenzen vaag overgaan op gebieden die zich uitstrekken
van het overbrengen van informatie, het onderhoudend converseren, bekvechten, het onderwijzen, indoctrineren of zeuren tot
het daadwerkelijk bespreken met een andere partij wat de beste oplossing van een bepaald probleem is en het verschil van meningen
met elkaar bespreken en het debateren over inzichten omtrent een gegeven concept. Omdat er bij het discussieren, in tegenstelling
tot bijvoorbeeld een monoloog of een toespraak meerdere personen communiceren ligt er onder elke vorm van argumentatie een
basis welke bepaalt wat de motivatie van de discussie is, zoals machtsuitoefening, informatieverstrekking of onderhoud. Een
praatje over het weer kan iets van een discussie krijgen, wanneer de een tegen de ander zegt dat-ie het weer dat de een aanprijst
of afkraakt juist vreselijk vind of juist wel lekker -met een klein zinnetje reeds, maar het gevolg van die meningsuitwisseling
zal meestal veel minder zwaar wegen dan een meningsverschil met je baas of een rechter. Hoewel er ook bij oppervlakkige gesprekken
vaak veel belangen afhangen inzake (psychologische en sociale) macht zullen discussies met meerderen (in rang of status) en
autoriteiten een bron zijn van verbaal machtsmisbruik en allerlei oneigenlijke vormen van discussietechniek. Er heerst
natuurlijk wel een etikette en norm; alle partijen moeten zich houden aan een rationele gesprekstechniek, maar er zijn geen
geschreven wetten en niemand die de gevangenis indraait voor het iemand in de rede vallen, het stellen van een voorgeconditioneerde,
vooringenomen en feitelijk discriminerende vraag of het verdraaien van andermans woorden. Nog maar niet te spreken van situaties,
waarin de mindere al helemaal niet de mogelijkheid heeft om bij een onafhankelijke te klagen en totaal in de macht is van
de autoriteit die in een gesprek zijn handelswijze toelicht, zogenaamd met een rechtmatige, reeele argumentatie.
Dit hoeft niet eens in extreme situaties zoals tussen burgers en ambtenaren of werknemers en baas plaatst te vinden, maar
kan ook welig tieren in uw jeugd, wanneer u ondergeschikt bent aan degeen die de ouderlijke macht of voogdij over u draagt,
of in die van uw naasten, wiens gedrag door langdurig machtsmisbruik door autoriteiten dusdanig negatief beinvloed is dat
het u en de uwen ook treffen zal, door onder andere a-sociaal gedrag en baldadigheid. De belangen van autoriteiten in een
democratie kunnen zo hoog zijn, en de kans op ontmaskering zo klein, dat misbruik van macht door hen door middel van de discussie
met minderen en andersdenkenden haast gewoontegetrouw wordt -meestal door het slachtoffer onopgemerkt, maar daarom niet minder
doeltreffend en immoreel. Omdat de macht der autoriteiten zich uitstrekt tot over iedereen, dus ook over u en ik, en hun
invloed op ons gedrag en meningsvorming zo integraal is, is het belangrijk te weten welke technieken een immorele autoriteit
of gesprekspartner, soms zelfs geheel onbewust, hanteert. Maar ook allerlei maatschappelijke discussies en algemene opvattingen
waar wellicht nooit over gepraat wordt, maar die wel onze en anderen hun meningen en wereldbeeld vormen kunnen bij het analyseren
hun dubbelzinnigheid of irrealiteit prijsgeven. Tenslotte waarschuw ik er hier voor dat ook u geneigt bent het voordeel van
immorele autoriteit of mening te verkiezen, die bovendien vaak ongestraft en anoniem anderen aangedaan kan worden, boven die
van lijdzame, onbevooroordeelde zoeker naar ultieme waarheid. Ik ontdekte een zekere wetmatigheid bij het discussieren van
allerlei discussies tussen mensen van allerlei aard en in talloze situaties, en heb ze hieronder voor u gerangschikt. Let
er maar eens op!
1.) ONJUISTE OF TEKORTSCHIETENDE INFORMATIE.
Het grootste probleem van een discussie is
het onjuist geinformeerd zijn van de deelnemers. Bij elke vorm van communicatie staan natuurlijk vooraf afgesproken en vastgestelde
waarden ten grondslage, al was het alleen al taalkundig. Maar ook, en dat is het punt, staan er ethische normen en wat goed
is en wat slecht, vast bij de deelnemers, terwijl juist die ter discussie gesteld zouden moeten worden. Zo komt het voor dat
beide partijen overeenstemming bereiken, hetzij geven ze elkaar gelijk of een van hen veranderd zijn standpunt, terwijl ze
er puur feitelijk niet uit zijn gekomen en eigenlijk beiden ongelijk hebben. Omdat er niemand meer is die hun standpunten
nog betwijfelt leven ze verder in de waan het gelijk aan hun zijde en de werkelijkheid in pacht te hebben. Zo moet ik vaak
op de radio (ik ben helaas niet in de positie veel televisie te kunnen kijken, maar neem onvoorwaardelijk aan dat in veel,
zo niet alle, belangrijke discussie's die over toch niet in belang voor de vorming van ons collectief bewustzijn en wereldbeeld
te onderschatten onderwerpen als politiek, recht en allerlei maatschappelijke vraagstukken gaan, dezelfde tekortkomingen
gelden) discussie's, maar ook in intervieuws (waarom vraagt die journalist nu eens niet door of staat eens kritisch stil bij
een punt dat door iedereen altijd maar weer als vanzelfsprekend wordt aangenomen) aanhoren, waarbij ik zelf nog zoveel -ongenoemde-
argumenten en kantlijnen zou willen opmerken, en waardoor de kijk op een kwestie op zijn minst in een heel ander daglicht
zou komen te staan. Omdat ze mij in de studio nogal moeilijk kunnen verstaan is de discussie of meningsovertuiging die
gevoerd werd eigenlijk een onvolledige en onaf! Je kunt dan nog zoveel praten en overtuigd zijn van
je standpunt, de stellingname na zo een onvolledig oratio schiet altijd tekort en zal nimmer bijdragen tot inzicht in
problematiek.
2.) ONWAARHEDEN HANTEREN.
Immoreel als het individu is, zal het
in de discussie zaken willen veranderen naar eigen belang. Feiten kunnen worden verdraaid of verzonnen, ontkend of gebagatelliseerd.
Wordt vooral vaak gedaan in discussie's waarin er grotere belangen op het spel staan zoals bij het verdedigen van autoritair
gedrag of immoreel gedachtengoed omtrend de essentiele rechten van mensen. Goedpraten van bazig en misbruikend gedrag is vaak
de reden achter de waarheid in een discussie omtrend dat gedrag pogen te verdonkeremanen, welke is immoreel, autoritair, egoistisch
of terroriserend gedrag.
3.) IN DE REDEN VALLEN.
Wordt door bijna iedereen toegepast. Soms ontaarden discussie's,
ook in de media, in ware schreeuw- en overstem orgieen waaraan voor een buitenstaander geen touw meer aan vast te knopen valt.
Maar ook komen de verschillende partijen nauwelijks meer tot elkaar of tot enig inzicht in het idee en de visie's van de ander,
en wordt iemand de mogelijkheid ontnomen zijn standpunt te verdedigen of toe te lichten. Maar veel venijniger zijn mensen
die de illusie ophouden je vrijelijk te laten ventileren, maar op het beslissende moment je overstemmen om zo op immorele
wijze je van de wijs te brengen en argumenten niet ter sprake laten komen. Of zal een tegenpartij naar bepaalde voorbeelden
van een bepaalde stelling kunnen vragen, vertrouwend op je tekortkomend herinneringsvermogen op dat moment, of je al bij het
eerste of tweede voorbeeld in de rede vallen met tegenwerpingen. Zekers in een emotionele discussie (en emotie en discussie
gaan vaak hand in hand) waarbij het geheugen toch al vaak niet meer toereikend is, is de verdediging van een standpunt door
middel van de discussie dan welhaast onmogelijk gemaakt.
4.) IMPLICATIE.
Een rechter bijv. kan een vraag
dusdanig formuleren, dat een verdachte al bij voorbaad schuldig wordt bevonden of een vooroordeel als vaststaand gegeven gezien
wordt. Wordt vaak toegepast en dan zonder dat de tegenpartij of toehoorders het in de gaten hebben, en is zeer immoreel.
5.)
ONS FALEND HERINNERINGSVERMOGEN.
We zijn geen computers. Als we computers waren zou het leven veel rechtvaardiger zijn,
omdat we dan in ethische discussie's of bij meningsverschillen omtrent het al dan niet juist zijn van allerlei technische,
natuurkundige maar ook sociale en/of psychische en psychisch-sociale vraagstukken simpelweg alle voor- en nadelen tegen elkaar
zouden kunnen opwegen om te zien welke keuze het meest voordelig of rechtvaardig en dus juist is. En niemand die het meer
interessant zou vinden deze uitkomst aan te vechten. Maar helaas, de natuur heeft ons met een gave behept, waar computers
geen last van hebben, nl. geheugen. Of liever gezegd: tijdelijk geheugenverlies. Een slechte gezondheid, maar ook frustrerende
emotie's (en in feite gaan aan iedere discussie frustrerende emotie's vooraf) kunnen de veroorzakers zijn van een wel heel
lastig en voor de tegenpartij zeer voordelig fenomeen in discussie's: we vergeten gewoonweg (vaak doorslaggevende) argumenten,
of zijn er niet van op de hoogte! Soms kunnen we ons later herinneren dat we toen dit of dat hadden moeten zeggen, veel
vaker zelfs dat nog niet, en geraken we in wat ik onder hoofdstuk 1.) verwoord heb. Al met al maakt dit, dat vooral bij
belangrijke discussie's, bijvoorbeeld tussen een rechter en een verdachte, die verdachte minder kans heeft op een rechtvaardige
verdediging, daar uiteindelijk ook de advocaat en anderen die gehoord worden aan deze aandoening onderworpen zijn.
6.)
EERSTE ARGUMENT DE BESTE.
Vaak kent een bepaalde grond om iets te doen of te laten meerdere redenen. Maar een immorele
tegenpartij zal altijd trachten de ander het onmogelijk te maken al die punten op te sommen. Of het past simpelweg niet in
de vaart van het gesprek. Maar zelfs al zou het gegeven zijn dat iemand alle punten van een bepaalde motivatie opsomt zullen
tegenstanders en toehoorders altijd geneigd zijn maar een punt te horen: het eerste of het laatste. Dat een motivatie voortkomt
juist uit een spectrum van allerlei verschillende redenen en feiten willen zij niet inzien en wordt dan gewoon overheen gepraat.
Vaak is het zelfs onmogelijk meerdere argumenten te noemen omdat de tegenstander er gewoon tussendoor blert. Op elk argument
dat u noemt zal de immorele gesprekspartner een weerwoord plaatsen; hij zal u nooit meerdere argumenten voor een standpunt
laten opsommen, omdat hij dan minstens evenveel argumenten voor zijn standpunt moet kunnen noemen, om nog geloofwaardig te
zijn.
7.) WELSPREKENDHEID.
Een van de oneerlijke facetten van een gesprek, discussie of debat is natuurlijk
het feit dat iemand die meer capabel in het spreken is een grote voorsprong heeft op iemand die verbaal minder sterk is. Zo
kan het voorkomen dat mensen gelijk krijgen, niet omdat zij beter argumenten hebben, maar omdat zij welsprekender zijn. Veel
discussies tussen (autoritaire) volwassenen en (oudere) kinderen of minderen worden geleidt en gedomineert door de intellectueel
sterkere autoriteit, terwijl zijn argumentatie lang niet altijd relevant is. Hier wordt de discussie puur misbruikt om
het onredelijk standpunt van een autoriteit op een mindere op immorele wijze door te drukken en te forceren.
8.)
WEL/NIET DISCUSSIEREN MET EEN REDEN.
Tenslotte kunnen mensen altijd nog weigeren te discussieren over bepaalde punten,
of worden gedwongen niet te discussieren. Of ze zullen juist de discussie aangaan omdat ze met hun immorele spreekwijze toch
het gelijk aan hun zijde weten. Discussieren is negen van de tien keer immoreel, maar niet discussieren gebeurt ook zo
vaak uit een onrechtvaardig uitgangspunt. In vorige eeuwen liet de rechter of leider bij een redetwist de twee kampen tegen
elkaar een lijfelijk gevecht aangaan, en wie er won had volgens die regelgeving ook gelijk inzake de twist. Al lijkt dat nu
nog zo oneerlijk, gezien het hierbovene lijkt die handelswijze voor een die oordelen moet over zaken waar-ie niets van weet
heel zo slecht nog niet.
9.) IMMOREEL DISCUSSIEREN. (samenvatting)
1: Hypocrisie. (beweren waar men zelf
niet werkelijk achterstaat of in praktijk brengt, liegen). 2: Van z'n stuk brengen en om de tuin leiden. (afwijkende antwoorden,
argumenten die niet werkelijk inhaken op wat er gezegd werd, antwoorden die impliceren dat er iets gezegd is wat niet werkelijk
gezegd werd, argumenten herhalen met weliswaar andere woorden, maar met dezelfde argumenten, zonder daadwerkelijk in te gaan
op wat gezegd werd of nieuwe argumenten op tafel te leggen- want die heeft men niet.) Maar ook in de rede vallen, van
de hak op de tak springen, vals beschuldigen (dingen beweren die men niet bewijzen kan) en doen voorkomen of men onderhandeld,
maar in feite niet bereid is zijn standpunt te herzien, en bepaalde argumenten en feiten negeren en/of verdraaien.) 3:
Vooringenomenheid en drogredeneringen (discutabele stellingen als algemeen geldend doen voorkomen (waar heb je haar verkracht?
of: je weet toch dat dat niet mag?). Het vinden dat de gesprekspartner 'gek' is omwille wat hij beweert, of het stellen
dat 'iets', een handelswijze of overtuiging, 'niet normaal' is en dreigen (met geweld en/of isolatie). 4: Het imiteren
van andere argumenten die voorheen in andere discussie's door andere gebruikt zijn.
10.) UITSTEL
VAN DISCUSSIE.
Omdat we niets zeker weten en we pas een standpunt kunnen innemen wanneer we alle feiten inzake een
gegeven zeker weten, rest de oprechte zoeker naar waarheid niets dan een zwijgen, bespiegelen en afwachten in het oordelen. Wanneer
we de discussie mogen zien als zoektocht met anderen naar de realiteit en waarheid, kunnen we bij de medemens niet veel geesten
vinden, die niet door immoraliteit en/of onkunde enigzins verdwaasd is, en kunnen we alleen nog maar, wanneer we wijzer willen
worden, communiceren met de goden. Tot die tijd zullen we het moeten doen met bespiegelen, speculeren en luisteren. Wie
sprak er dat de waarheid onuitsprekelijk is?
11.) ALLE DISCUSSIE'S SAMEN
Het gedrag en de overtuiging van
(de uitvoerders van) de staat en individuen is het directe gevolg van alle tekortschietende, al dan niet immorele discussie's
en discussierders samen. De een luistert naar de ander en maakt er het zijne van, om te gebruiken en toe te passen wanneer
het hem uitkomt. Wanneer we geconfronteerd worden met andere zienswijzen of gedragingen gaan we snel over op het verwerpen
van deze manier van handelen om het tenslotte met ter plekke verzonnen en overgenomen argumenten het eigen gedrag te rechtvaardigen,
terwijl in feite het omgekeerde de argumentatie rechtvaardigt: eerst het nadenken, beredeneren en bespiegelen, dan eventueel
een beoordelen. De meeste mensen die het over ethische normen hebben, zijn zelf immoreel en blijven dit anoniem, totdat
dit, alweer met argumenten en bewijzen, weerlegt wordt. De oprechte zoeker naar waarheid is dan allang weer verder met
zijn speurtocht.
|